Artikel uit AD/De Dordtenaar - auteur Wilko Peenstra - "Elke dag weer een juweeltje"

De Dordtenaar van 18-02-2004 Pagina 11 Midweek Special

Elke dag weer een juweeltje

Unieke samenwerking tussen Zwijndrechtse wandelaar en Marokkaanse gids

Corrie de Hoog, voormalig inwoonster van Zwijndrecht, kwam in 1999 tijdens haar vakantie in Marokko per toeval wandelgids Brahim tegen. Sindsdien organiseert een moderne westerse vrouw met een overtuigd moslimman uit idele motieven wandelreizen in Marokko.

MOUTIER-MALCARD/MARRAKECH - De Toubkal is met zijn 4167 meter de hoogste berg van Marokko. De berg in het Hoge Atlasgebergte heeft een enorme aantrekkingskracht op Ron de Hoog uit Zwijndrecht. Hij maakt met zijn vrouw Corrie voor het eerst een voettocht van twee weken door Marokko. Het is maart 1999. De reis is met twee weken verlengd zodat het echtpaar nader kennis kan maken het land. En die Toubkal trekt toch wel heel erg.

Maar hoewel het inmiddels maart was en overdag zeer aangenaam kon zijn, was het nog veel te koud voor de beklimming. Ook ligt er veel sneeuw. Pech voor Corrie en Ron, maar geluk voor de bewoners voor wie de sneeuw een onontbeerlijke watervoorziening is. De berg beklimmen wordt niks. Het alternatief is een tweedaagse wandeling in de buurt van Imlil, een dorp op 1500 meter hoogte dat vaak gebruik wordt als uitvalsbasis voor beklimmingen van de Toubkal. Corrie en Ron komen in een hotelletje een jongen tegen, die iemand kent die als gids kan fungeren: zijn oom Brahim.

Corrie en Ron beleven met Brahim Aziam en zijn oom Hoesseini twee geweldige dagen. Ze slapen onderweg bij mensen thuis, Hoesseini bereidt fantastische maaltijden en tussen het Zwijndrechtse echtpaar en Brahim ontstaat ondanks de communicatieproblemen - de wandelgids is voor vijftig procent doof, Frans is niet de moedertaal van Corrie en Ron en Hoesseini spreekt alleen berbers - een warm contact. Bij het afscheid van Brahim en Marokko zegt Corrie: `ik kom zeker nog een keer terug'. ,,Nou zeg je dat allemaal wel meer en ook hij zal dat wel vaker gehoord hebben, maar mij liet het niet los.''

De toevallige ontmoeting leidt tot een innig samenwerkingsverband. Een jaar later trommelt Corrie haar wandelvrienden van de georganiseerde reis op. Er gaat een brief naar Brahim met de vraag of hij de Nederlanders nog kent en of hij ervoor voelt een zevendaagse wandeling met hen te maken. ,,Twee weken later ging de telefoon en had ik tot mijn stomme verbazing Brahim aan de lijn. Telefoneren of faxen met Marokko was op dat moment nog helemaal niet zo gemakkelijk. Inmiddels is er een zeer goed mobiel netwerk, maar op dat moment kwam het voor dat je dagenlang geen verbinding kon krijgen. Bovendien is de telefoon voor Marokkanen erg duur en kon Brahim door zijn doofheid moeilijk communiceren.''

Hij is de Nederlanders niet vergeten. In 2001 maken zeven mensen opnieuw een reis, dit keer langs de koningssteden Marrakech, Fez en Meknes. Ook de Toubkal wordt beklommen. Het contact tussen Corrie en Brahim blijkt bijzonder te zijn. Tijdens de wandeltocht wordt over ditjes en datjes gesproken, maar ook intiemere zaken komen aan bod. Brahim vertelt en vraagt honderduit. De hoeveelheid kinderen in Marokko is een probleem, er is veel onwetendheid over seksualiteit en vormen van geboortebeperking en Brahim toont zich een zeer zorgzame vader. ,,Het leidde soms tot opmerkelijke situaties'', zegt Corrie. ,,Zo kon het gebeuren dat ik midden op een bergpad met vijf Marokkaanse mannen om me heen, aan de hand van een tekening in het gruis, stond uit te leggen hoe de sterilisatie van een man in zijn werk gaat.''

Corrie heeft inmiddels talloze wandelreizen door Marokko gemaakt. Het principe werkt als volgt: zij zoekt de mensen, gaat met ze naar Marokko en Brahim leidt het gezelschap rond. De eerste nacht wordt geslapen in een middenklasse hotel, de nachten erna in tenten, berghutten, herbergen of bij mensen thuis. Een eigen kok verzorgt de maaltijden. Corrie kan inmiddels een boek schrijven over de belevenissen die ze in een paar jaar heeft meegemaakt. ,,Wat te denken van die huisbaas die vol trots zijn dorp aan mij toonde en mij aan zijn dorp? En later die mooie, oude baas die volgens zijn `paspoort' 114 jaar was, terwijl de man aanwees dat hij al `zo groot was' (een jongetje van acht tot tien jaar) toen hij dat paspoort kreeg en dus misschien wel veel ouder was. Hij leefde deze zomer nog steeds.''

De wandelreizen zijn voor Corrie onvergetelijke herinneringen, juist door die vele contacten met de lokale bevolking. Het is voor de oud-Zwijndrechtse ook de perfecte manier om de Marokkaanse cultuur beter te begrijpen. ,,Brahim en ik hebben afgesproken dat we elkaar van alles mogen vragen. Over ons leven, gewoontes, cultuur, godsdienst. We luisteren met respect naar de antwoorden en proberen van elkaar te leren en elkaar te begrijpen. En niet automatisch onze eigen normen en waarden als de juiste te beschouwen, hoe moeilijk dat soms voor ons ook is. Er zijn zoveel verschillen: wat wij als gewoon ervaren, vinden zij onbeleefd. En andersom. Zo zijn wij heel direct; `nee' zeggen in Marokko is juist onvriendelijk. Hoe meer ik hoor en lees, hoe meer ik besef hoe ontzettend moeilijk het voor de vooral oudere Marokkanen moet zijn om in onze westerse wereld te integreren.''

Inmiddels is Corrie ook letterlijk een beetje dichter bij Marokko gekomen. Ze heeft een paar jaar geleden Zwijndrecht achter zich gelaten en woont nu met haar man in Moutier-Malcard, een Franse gemeente met zo'n 520 inwoners, verspreid over het dorp en een aantal omliggende gehuchten. Van daaruit zoekt ze naar belangstellenden voor een Marokkaanse voettocht. Alles `low budget'. Zelf steekt ze er zeen van tijd in, maar houdt ze er geen cent aan over. ,,Het levert mij geen enkel financieel voordeel op. Het is allemaal `liefdewerk oud papier'. Het kost me elke keer weer ontzettend veel moeite om een groep bij elkaar te krijgen. Ik ben geen reisorganisatie met naamsbekendheid en een groot advertentiebudget. Ik moet het vooral hebben van de enthousiaste verhalen van mijn reisgenoten en de mensen die mijn initiatief willen steunen. Soms krijg ik ongefundeerde en onbegrijpelijke tegenwerking uit die reiswereld. Ik moest dit jaar voor het eerst een reis annuleren wegens te weinig belangstelling. Dat komt hard aan, vooral in Marokko. Ik doe dit werk voor de arme bergbevolking. Door het inhuren van begeleiding van mens en dier voor een wandeling, geef je werk aan een gids, een kok en een aantal muildier- of kamelenbegeleiders. De dankbaarheid en de warmte die ik terugkrijg van mijn Marokkaanse vrienden en de zo gastvrije bevolking, n het genieten en de enthousiaste reacties van mijn reisgenoten na elke tocht, maken het allemaal meer dan waard. Wat is het immers mooi als n van hen zegt dat je hem elke dag weer een juweeltje schenkt...''

Wie meer informatie over Corrie de Hoog's wandelreizen in Marokko wil: e-mail: corrieron@wanadoo.fr, tel.nr. (0033) 555 806608 en www.aziamtrek.com en www.veilouqueri.com.Corrie de Hoog en wandelgids Brahim Aziam.

Op dit artikel berust copyright! 2004 De Dordtenaar

Restricties:

nee

Copyright:

De Dordtenaar

Terug

 

 

 

 

 

 

 

Terug